Logo Waterschap Brabantse Delta
Ga direct naar het hoofdmenu of de inhoud.

Directe lozingen inrichtingen

De Waterwet is van toepassing op directe lozingen in oppervlaktewateren en lozingen direct op een zuiveringstechnisch werk (rioolwaterzuiveringsinstallatie met bijbehorende gemalen en persleidingen).

Lozingen direct in oppervlaktewateren

Activiteitenbesluit

Per 1 januari 2008 is het Activiteitenbesluit (Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer) in werking getreden. Het Activiteitenbesluit, bevat algemene regels voor inrichtingen.

Wanneer een inrichting geen IPPC- inrichting is valt deze in ieder geval onder het Activiteitenbesluit. Een inrichting welke onder de IPPC-richtlijn valt, blijft geheel Watervergunningsplichtig.

Voor afzonderlijke lozingen in oppervlaktewateren van de onderstaande afvalwaterstromen, gelden de algemene regels zoals gesteld aan deze lozingen in het Activiteitenbesluit:

  • grondwater bij bodemsanering en proefbronnering;
  • grondwater bij ontwatering;
  • huishoudelijk afvalwater;
  • hemelwater dat niet afkomstig is van een bodembeschermende voorziening;
  • koelwater;
  • afvalwater afkomstig van het opslaan en overslaan van gedefinieerde bulkgoederen.

Meer informatie over het Activiteitenbesluit is te vinden op de website van het Ministerie van VROM en Infomil.

Daarnaast kan voor vragen contact worden opgenomen de helpdesk van Infomil, met de helpdesk Water, met uw brancheorganisatie, met de gemeente, en voor watergerelateerde vragen met Waterschap Brabantse Delta.

Melding in het kader van het Activiteitenbesluit

De lozing van een of meerdere van bovenstaande afvalwaterstromen in oppervlaktewateren dient vooraf te worden gemeld.

Hiervoor dient de Activiteitenbesluit Internetmodule ingevuld te worden. Door het digitale aanvraagformulier in te vullen is te controleren of de (voorgenomen) lozing van de inrichting met het Activiteitenbesluit wordt geregeld. De ingevulde melding kan digitaal worden verzonden. Het systeem zorgt vervolgens dat de melding bij de betreffende gemeente binnenkomt. De gemeente stuurt de melding door naar Waterschap Brabantse Delta.

Alleen type A inrichtingen hoeven niet meer te melden.

Maatwerkvoorschrift in het kader van het Activiteitenbesluit

In het gros van de gevallen zullen deze algemene regels volstaan, echter in de enkele gevallen dat de algemene regels niet passend zijn is er een mogelijkheid voor maatwerk. In het activiteitspecifieke voorschrift wordt expliciet aangegeven in welke gevallen maatwerkvoorschriften gesteld kunnen worden. Een verzoek om een dergelijk maatwerkvoorschrift moet bij Waterschap Brabantse Delta worden ingediend.

Type A en B inrichtingen kunnen ook voor overige niet expliciet toegestane lozingen in oppervlaktewateren, een verzoek om een maatwerkvoorschrift bij Waterschap Brabantse Delta indienen.

Wordt een bepaald aspect van de lozing, die nadelige gevolgen voor het milieu heeft, niet geregeld in een activiteitenspecifiek voorschrift, dan kan door het Waterschap Brabantse Delta op grond van de zorgplicht in bijzondere en incidentele gevallen een maatwerkvoorschrift worden gesteld.

Vergunningsplicht

Voor overige lozingen afkomstig van een type C inrichting alsmede wanneer sprake is van een lozing afkomstig van een IPPC inrichting, blijft een vergunning vereist.

In dit geval dient een Watervergunning aangevraagd te worden bij Waterschap Brabantse Delta.

In het aanvraagformulier voor de Watervergunning worden directe lozingen genoemd onder onderdeel ‘A1. Stoffen in een oppervlaktewaterlichaam brengen’. Dit onderdeel dient, naast onderdeel O1 ‘Algemene gegevens”en onderdeel O2 ‘Activiteitenkeuze en ondertekening’, ingevuld te worden wanneer er rechtstreeks afvalstoffen, verontreinigende of schadelijke stoffen (bijvoorbeeld afvalwater) in een oppervlaktewaterlichaam worden gebracht.

Het aanvraagformulier voor de Watervergunning is te vinden op de pagina Formulieren vergunningen en meldingen.

Wanneer de inrichting een IPPC inrichting is, is naast de Watervergunning ook een Omgevingsvergunning vereist. Het is wenselijk dat beide aanvragen gelijktijdig worden ingediend. Gelijktijdige indiening betekend dat de tweede aanvraag binnen 6 weken na indiening van de eerste aanvraag moet zijn ingediend.

Gevolgen voor verleende Wvo-vergunningen

Bestaande voorschriften voor directe lozingen in oppervlaktewateren in de Wvo-vergunning worden van rechtswege Watervergunningvoorschriften. De voorschriften veranderen dus niet. De Wvo-vergunning wordt geacht een Watervergunning te zijn.

Lozingen direct op een zuiveringstechnisch werk

Voor een lozing direct op een zuiveringtechnisch werk (rioolwaterzuiveringsinstallatie met bijbehorende gemalen en persleidingen) dient een Watervergunning aangevraagd te worden bij Waterschap Brabantse Delta. In het aanvraagformulier voor de Watervergunning worden lozingen rechtstreeks op een rioolwaterzuiveringsinstallatie genoemd onder onderdeel ‘A1. Stoffen in een oppervlaktewaterlichaam brengen’. Dit onderdeel dient, naast onderdeel O1 ‘Algemene gegevens”en onderdeel O2 ‘Activiteitenkeuze en ondertekening’, ingevuld te worden.

Het aanvraagformulier voor de Watervergunning is te vinden op de pagina Formulieren vergunningen en meldingen.

Beleid

Uitgangspunt voor de beoordeling van de aanvraag voor een maatwerkvoorschrift en een Watervergunning is primair het internationale en nationale beleid, wat is vastgelegd in de 'Regeling Aanwijzing BBT documenten', in de rapporten van de Commissie Integraal Waterbeheer en in de IPPC- richtlijn.

Daarnaast hanteert Waterschap Brabantse Delta op onderdelen ‘eigen’ c.q. ‘afwijkend’ beleid. Hieronder volgen enkele beleidsstukken:

Informatie over indirecte lozingen is te vinden op de pagina Indirecte lozingen inrichtingen

 

 

 

Paginafuncties

Logo Waterschap Brabantse Delta
Naar boven