Logo Waterschap Brabantse Delta
Ga direct naar het hoofdmenu of de inhoud.

Emissies verder terugdringen

Aanpak van diffuse bronnen is noodzakelijk om emissies verder terug te dringen. Via diffuse bronnen komen verontreinigingen heel verspreid in het oppervlaktewater terecht, vaak via af- of uitspoeling van regenwater. De landelijke strategie is om meer via algemene regels te regelen en minder via vergunningverlening. Diffuse bronnen worden met de nieuwe algemene regels nauwelijks teruggedrongen. Stimulering, handhaving en communicatie zijn daarmee belangrijker geworden. Het verwijderen van waterbodems, om nalevering van fosfaat of metalen te beperken, blijkt over het algemeen niet noodzakelijk (zie link onderzoeksrapport).

Het goede voorbeeld

Om het goede voorbeeld te geven gaat het waterschap ook bij de eigen werkzaamheden verontreinigingen terugdringen:

  • chemievrij onkruidbeheer op verhardingen: in 2010 wil het waterschap het Certificaat Zilver volgens de Barometer Duurzaam Terreinbeheer behalen. Slechts een paar procent van het gebied mag dan nog chemisch behandeld worden.
  • zoveel mogelijk duurzame materialen in nieuwbouw vanaf 2010. Vooral zink en koper zijn slecht voor de kwaliteit van de bodem en het grondwater.
  • rioolwaterzuiveringsinstallaties verbeteren.

Ook gemeenten en burgers kunnen onkruid zonder chemicaliën bestrijden. Bekijk daarvoor de film.

Diffuse verontreiniging

Het waterschap en anderen partijen geven de aanpak van diffuse bronnen prioriteit in:

  • percelen rond Vennen Groote Meer. Deze vennen behoren tot het Natura 2000- gebied Brabantse Wal. Verbetering van de waterkwaliteit is onderdeel van een integraal project, waarbij ook de verdroging wordt aangepakt. Hierbij vindt samenwerking met Vlaanderen plaats.
  • stroomgebied Molenbeek ten zuiden van Roosendaal. De concentraties fosfaat zijn hier ruim twee keer zo hoog als toegestaan.
  • riooloverstorten: het waterschap en de gemeenten werken maatregelen uit voor overstorten die een probleem voor de waterkwaliteit vormen (voor 2012). De Optimalisatiestudies voor het Afvalwater Systeem (OAS) wijzen uit welke maatregelen optimaal zijn. Die komen in de afvalwaterakkoorden te staan.

Het waterschap werkt ook op andere manieren aan het terugdringen van diffuse verontreinigingen, onder meer door deelname in het project Actief Randenbeheer Brabant, hergebruik en zuivering van drainwater en voorlichting over bestrijdingsmiddelen aan agrariërs, gemeenten en burgers.

Overige maatregelen: samenwerking, voorlichting en de watertoets

Het waterschap gaat bij vergunningverlening en handhaving intensiever samenwerken met gemeenten, de Provincie, de regionale milieudienst en de AID. De partijen stellen jaarlijks het gezamenlijk handhavingsprogramma voor Noord-Brabant bij. De Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht vereist dat het waterschap, gemeenten en Provincie adviseert over het milieuonderdeel water in vergunningen en bij overtredingen. Gemeenten, Provincie en waterschappen gaan burgers beter voorlichten over de regels voor het gebruik van bestrijdingsmiddelen en het toepassen van koper en zink in de bouw. Bij het uitvoeren van de watertoets gaat het waterschap toetsen of ruimtelijke plannen van gemeenten gevolgen voor de waterkwaliteit hebben. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de landelijke handreiking, die in 2010 wordt bijgesteld.

Actieprogramma

Het emissiebeleid van het waterschap is uitgewerkt in een actieprogramma, dat elders op de website staat. Verbeteringen van rioolwaterzuiveringsinstallaties staan daar ook in. Het emissiebeleid wordt geactualiseerd als het handboek wet en regelgeving waterbeheer en het bijbehorende beleidskader vergunningen klaar is. Het handboek wordt in 2010 opgesteld. Op basis hiervan worden de waterkwaliteitsaspecten van de beleidsregel ’Toepassing waterwet en keur’ herzien. De acties die in zogenoemde ‘waterlichamen’ plaatsvinden, heeft het waterschap ook opgenomen in de stroomgebiedbeheerplannen voor de kaderrichtlijn Water. Het waterschap heeft zich aan de EU verplicht die acties uit te voeren. Het operationele waterkwaliteitsmeetnet van het waterschap is vanaf 2010 uitgebreid voor de toetsing op het principe van “geen achteruitgang” zoals op grond van de Kaderrichtlijn Water in het Besluit Kwaliteitseisen Monitoring Water (BKMW) is bepaald.

Logo Waterschap Brabantse Delta
Naar boven