Brabant is dé provincie waar de droogteproblemen zich razendsnel opstapelen. Jaren van extreem droge en warme perioden leggen bloot hoe belangrijk water is voor ons. Er is al veel in droogtebestrijding geïnvesteerd, maar het is niet genoeg. Dit vraagt om een stevige krachtenbundeling en een fundamenteel ander aanpak, van álle partners. Om te komen tot een klimaatbestendig en robuust watersysteem pleiten waterschappen Aa en Maas, Brabantse Delta en De Dommel daarom voor een onafhankelijke, deskundige en breed samengestelde adviescommissie Droogte in opdracht van Gedeputeerde Staten. Deze commissie geeft innovatieve oplossingsrichtingen en concrete aanbevelingen voor een efficiënt en verantwoord (her)gebruik van water in 2030 en verder.

Brabants is extreem droog

Extreme droogte is een klimaatverschijnsel om rekening mee te houden. Het KNMI noemt de periode van april tot oktober het “droogteseizoen”, buiten deze periode kan het ook nog droog zijn, maar is de kans op natte maanden groter. Het weer verandert en houdt zich niet aan wat voorheen normaal was. Wie denkt dat de droogte met een stevige hoosbui is verdwenen onderschat de ernst van de situatie, want één pittige bui brengt geen verlichting. Brabant wordt hard geraakt omdat de (hoge) zandgronden grotendeels afhankelijk zijn van regenval. Nergens worden de gevolgen van droogte zo goed gevoeld als in de stroomgebieden van de Mark, de Dommel en de Aa. Boeren proberen met man en macht hun oogst te redden, bomen verdorren, vogels speuren kansloos naar insecten; de ecosystemen staan onder immens grote druk. Hoe droger het is, hoe meer natuur, bedrijven, boeren en huishoudens snakken naar water. We staan met z’n allen onder hoogspanning. De klimaatveranderingen zijn groot en vragen om een fundamenteel ander aanpak, van álle partners. Dit probleem is niet van voorbijgaande aard.

Water vasthouden

Omgaan met weersextremen is een uitdaging. Het droogte-seizoen duurt langer, met hoge temperaturen en lange perioden van zeer weinig neerslag. Het goede nieuws is dat er over een periode van een compleet jaar wel voldoende water valt voor alle gebruikers. Voor de waterschappen breekt daardoor een nieuwe tijd aan. Het belangrijkste doel wordt niet het afvoeren van water, maar het vasthouden van water. In de herfst en de winter wordt het water zoveel mogelijk vastgehouden en verdeeld ; mogelijk tot ver in de lente. Daarom blijven onttrekkingsverboden uit oppervlaktewater nog steeds van kracht en staan de stuwen hoog. Gebieden waar het grondwater nog laag staat, krijgen meer prioriteit in de waterverdeling.

Elk gebied is anders

De weg naar balans in grondwater is per waterschap verschillend, omdat de omstandigheden per regio verschillen. Hoge droge zandgronden in Zuidoost-Brabant zijn nu eenmaal anders dan de laaggelegen polder langs de rivieren. Het vasthouden van water is echt een omslag. Deze aanpak wordt breed gesteund, maar is geen eenvoudige opgave omdat daarmee ook de belangen van anderen beïnvloed worden. Daar zitten de Brabantse waterschappen nu voor aan tafel. Omdat elke druppel telt.

Adviescommissie Droogte

De gevolgen van klimaatverandering vragen om grote stappen, lef en soms met je vuist op tafel slaan. Wil Brabant in 2030 voldoende (grond)water voor inwoners, boeren, bedrijven en de natuur beschikbaar hebben, dan vraagt dit om een fundamentele aanpassing in de manier waarop er in Brabant met water wordt omgaan. Korte termijn maatregelen dragen al bij aan het bewuster omgaan met water en water langer vasthouden, maar er zijn daarnaast dringende maatregelen nodig om te komen tot een echt klimaatbestendig en klimaatrobuust watersysteem. Daarom pleiten de Brabantse waterschappen vurig voor een onafhankelijke, deskundige en breed samengestelde adviescommissie Droogte in opdracht van Gedeputeerde Staten om innovatieve oplossingsrichtingen en concrete aanbevelingen voor een efficiënt en verantwoord (her)gebruik van water voor 2030 en verder. Het gaat om de ruimtelijke inrichting van steden, landbouwgebieden en de ontwikkeling van natuurgebieden. Brabant wil de toon zetten om de negatieven gevolgen van droogte om te zetten in kansen.