Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Waterschap Brabantse Delta

Verordening openstelling elektronische weg waterschap Brabantse Delta

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
Organisatie Waterschap Brabantse Delta
Organisatietype Waterschap
Officiële naam regeling Verordening openstelling elektronische weg waterschap Brabantse Delta
Citeertitel
Vastgesteld door algemeen bestuur
Onderwerp bestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 2:15 van de Algemene wet bestuursrecht

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

12-03-2018 nieuwe regeling

07-03-2018

wsb-2018-2209

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening openstelling elektronische weg waterschap Brabantse Delta

Het algemeen bestuur van waterschap Brabantse Delta,

 

overwegende dat:

waterschap Brabantse Delta zijn dienstverlening in toenemende mate langs elektronische weg wil aanbieden;

de bereikbaarheid van bestuursorganen langs elektronische weg ingevolge artikel 2:15 van de Algemene wet bestuursrecht kenbaar moet worden gemaakt;

de bestuursorganen, die kenbaar hebben gemaakt langs elektronische weg bereikbaar te zijn, op basis van genoemd artikel, nadere eisen kunnen stellen aan het gebruik van de elektronische weg;

 

gelet op het bepaalde in afdeling 2.3 van de Algemene wet bestuursrecht;

 

mede gelet op artikel 59 en 78 lid 1 van de Waterschapswet;

 

besluit

 

vast te stellen de navolgende Verordening openstelling elektronische weg waterschap Brabantse Delta:

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    Elektronische post: berichten die op elektronische wijze door burgers naar bestuursorganen van het waterschap worden gezonden, met inbegrip van de verzend- en ontvangstinformatie en de documenten die op elektronische wijze aan de berichten zijn gekoppeld, en waarvoor de elektronische weg is opengesteld op de website van waterschap Brabantse Delta of een website verbonden aan e-overheid, uitgezonderd:

    • spam;

    • reclame;

    • berichten verzonden of ontvangen via sms, mms, WhatsApp of een daarmee vergelijkbare cross-platform-berichtendienst voor smartphones, tablets en computers;

    • faxberichten.

  • b.

    Webformulier: elektronisch in te vullen en te verzenden formulier dat op de website van waterschap Brabantse Delta of een website verbonden aan e-overheid is geplaatst ten behoeve van het gebruik van de elektronische weg;

  • c.

    E-overheid: elektronische dienstverlening van de overheid aan burgers en bedrijven;

  • d.

    Awb: de Algemene wet bestuursrecht;

  • e.

    DigiD: de Digitale Identiteit voor burgers ter verificatie van identiteit en handtekening;

  • f.

    E-Herkenning: inlogvoorziening voor bedrijven om online betrouwbaar en veilig zaken te doen met de overheid

  • g.

    PKIoverheid: Public Key Structure voor de overheid, een waarborgsysteem voor betrouwbare elektronische handtekeningen door middel van certificaten;

  • h.

    Bestuursorgaan: een bestuursorgaan van waterschap Brabantse Delta, zijnde het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de dijkgraaf of de ambtenaar belast met heffing en invordering.

 

Artikel 2 Openstelling elektronische weg

Het bestuursorgaan bepaalt, voor zover het de hem toegekende taken en bevoegdheden betreft, of de elektronische weg is opengesteld.

 

Artikel 3 Ontvangen van elektronische post

  • 1.

    Elektronische post kan uitsluitend naar een bestuursorgaan verzonden worden, indien deze weg voor een bepaald product of een bepaalde dienst is opengesteld via internet met een webformulier op de website van waterschap Brabantse Delta of via een webformulier op een website die is verbonden aan e-overheid en waarvan het waterschap gebruik maakt, dan wel via een bij een product of dienst op een van de voornoemde websites specifiek daarvoor aangewezen e-mailadres.

  • 2.

    Op de websites dan wel de voorgeschreven webformulieren wordt vermeld welke nadere eisen het bestuursorgaan stelt aan het gebruik van de elektronische weg, zoals de programmatuur en de grootte van bijlagen/bestanden en het gebruik van een format.

  • 3.

    Elektronische post die niet aan de nadere eisen als bedoeld in lid 1 en 2 voldoet, wordt door het bestuursorgaan geweigerd.

  • 4.

    Als het bestuursorgaan elektronische post op grond van het vorige lid weigert, maakt het bestuursorgaan dit aan de afzender kenbaar.

 

Artikel 4 Identiteit zender

De afzender heeft de verplichting correcte informatie omtrent zijn identiteit te verschaffen. Het bestuursorgaan mag daar, behoudens aanwijzingen voor het tegendeel, op af gaan.

 

Artikel 5 Handtekening

  • 1.

    Indien de wet eist dat een bericht van een burger aan het bestuursorgaan wordt ondertekend, is, wanneer de burger dit bericht per elektronische post aan het bestuursorgaan verzendt, een elektronische handtekening vereist die voldoet aan de eisen van de Wet elektronische handtekeningen.

  • 2.

    Voor het ondertekenen van elektronische post met een elektronische handtekening moet de burger of zijn gemachtigde gebruik maken van DigiD, dan wel de opvolger van dat systeem.

  • 3.

    Voor het ondertekenen met een elektronische handtekening namens een bedrijf of instelling dient gebruik te worden gemaakt van een controleerbare wijze van elektronische herkenning, zoals eHerkenning, een inlogcode en/of een wachtwoord. Voor producten waarbij een dergelijke elektronische herkenning nog niet is geïmplementeerd, kan worden volstaan met een weergave van gegevens waaruit blijkt dat de ondertekenaar bevoegd is namens het bedrijf of de instelling te ondertekenen.

  • 4.

    Indien een bestuursorgaan, anders dan een bestuursorgaan van waterschap Brabantse Delta, elektronische post verzendt aan waterschap Brabantse Delta, die ondertekend moet worden met een handtekening, moet dat bestuursorgaan gebruik maken van een elektronische handtekening conform de Wet elektronische handtekeningen. Zolang een elektronische handtekening, zoals PKIoverheid, nog niet is geïmplementeerd bij waterschap Brabantse Delta, kan dat bestuursorgaan volstaan met een gescande handtekening.

 

Artikel 6 Overgangsrecht, inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Openstellingen van de elektronische weg, gedaan voor de inwerkingtreding van deze verordening, worden geacht op basis van deze verordening te zijn gedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na bekendmaking.

  • 3.

    Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening openstelling elektronische weg waterschap Brabantse Delta.

 

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van waterschap Brabantse Delta op … 2018.

het algemeen bestuur,

De dijkgraaf

drs. C.J.G.M. de Vet

De secretaris-directeur

ir. H.T.C. van Stokkom

Toelichting Verordening openstelling elektronische weg waterschap Brabantse Delta

 

Algemeen

Op 1 juli 2004 is de Wet elektronisch bestuurlijk verkeer in werking getreden en opgenomen in afdeling 2.3 van de Awb. De wet heeft zowel betrekking op geadresseerde verzending, bijvoorbeeld e-mail, als het op elektronische wijze openbaar maken van stukken. Zij ziet zowel op de fase van de primaire bestuurlijke besluitvorming (aanvragen, vergunningen, e.d.), als op de bezwaarschriftenprocedure, de klachtenprocedure en het administratief beroep.

 

De wet dwingt bestuursorganen niet om van de elektronische weg gebruik te maken, maar biedt de randvoorwaarden waaraan een bestuursorgaan moet voldoen als het voor een bepaald onderwerp voor de elektronische weg kiest. De wet biedt een algemeen kader waarin wordt geregeld wanneer verkeer langs elektronische weg is toegestaan en aan welke voorwaarden dat verkeer moet voldoen, wil het even betrouwbaar zijn als het reguliere schriftelijk verkeer. Het bestuursorgaan moet kenbaar maken dat het via de elektronische weg bereikbaar is. Dit algemene kader kan door het bestuursorgaan nader worden ingevuld. Voor de bestuursorganen van waterschap Brabantse Delta geeft deze Verordening hieraan invulling. Elk bestuursorgaan, dat over een bepaalde bevoegdheid beschikt, moet zelf beslissen of de elektronische weg voor de uitoefening van die bevoegdheid is geopend. De mandaatregeling voorziet erin, dat een dergelijke beslissing op procesniveau kan worden genomen. Daarbij dient afstemming plaats te vinden tussen de betrokken processen onderling.

 

Deze Verordening biedt de basis voor een verdere uitbreiding van de elektronische dienstverlening en creëert een wettelijke basis voor de reeds bestaande en toekomstige producten van elektronische dienstverlening. Voorts is deze Verordening een aanvulling op bestaande hogere wettelijke verordeningen, zoals het Waterbesluit en de Waterregeling.

 

Artikelsgewijze toelichting

 

Artikel 1 Begripsbepalingen

Deze Verordening gaat uit van het begrip elektronische post. Bij elektronische post kan onder andere gedacht worden aan aanvragen voor een bepaalde vergunning, het indienen van bezwaarschriften en klachten. Deze elektronische post vereist ondertekening met een elektronische handtekening aangezien dat wettelijk is voorgeschreven. Daarnaast bestaat er elektronische post met een minder formeel karakter, waarvoor geen elektronische handtekening wordt vereist.

 

Hoewel de verzending van berichten per fax eveneens een vorm van elektronisch verkeer is, is deze Verordening daarop niet van toepassing. De ontvangst van berichten per fax wordt op dit moment namelijk bij waterschap Brabantse Delta op een zelfde manier afgehandeld als schriftelijke post. Overige vormen van elektronisch verkeer, bijvoorbeeld sms-berichten, WhatsApp-berichten of een vergelijkbare berichtendienst voor smartphones, tablets en computers zijn eveneens uitgesloten.

 

In deze Verordening wordt uitgegaan van elektronisch verkeer tussen burgers en een bestuursorgaan. De term ‘burgers’ dient ruim te worden uitgelegd en omvat ook bedrijven, instellingen, stichtingen, mede-overheden, e.d. die langs elektronische weg van de dienstverlening van waterschap Brabantse Delta gebruik maken.

 

Artikel 2 Reikwijdte en bevoegdheid

In het tweede lid is de hoofdregel van deze Verordening opgenomen. Alleen indien het bestuursorgaan dat uitdrukkelijk heeft bepaald en kenbaar heeft gemaakt, is de elektronische weg geopend. Aan het kenbaarheidsvereiste is voldaan door middel van vermelding op de website van waterschap Brabantse Delta of een website verbonden aan e-overheid. Waterschap Brabantse Delta biedt op zijn website reeds een aantal producten en diensten aan middels de elektronische weg. Deze zijn in overeenstemming met het bepaalde in deze Verordening.

 

In de artikelen 3 en verder worden nadere regels gegeven voor het verkeer langs elektronische weg.

 

Artikel 3 Ontvangen van elektronische post

Om te voorkomen dat een situatie ontstaat waarbij elektronische berichten naar willekeurige postbussen in de organisatie gezonden worden, stelt dit artikel eisen aan het gebruik van de elektronische weg.

 

In het eerste lid wordt gesteld dat elektronische post alleen in behandeling genomen wordt wanneer er gebruik is gemaakt van het bij het betreffende product of de betreffende dienst op de website van het waterschap of op een website verbonden met e-overheid geplaatste webformulier of voor een product of dienst op een van die websites genoemd specifiek e-mailadres. Hieruit volgt dus dat als er geen webformulier op een website is geplaatst of geen specifiek e-mailadres op de website staat vermeld, het betreffende product niet elektronisch beschikbaar is bij waterschap Brabantse Delta. Een voordeel van deze gestructureerde invoer is ook dat het voor burgers duidelijk is welke informatie aangeleverd moet worden.

 

Door eisen te stellen aan elektronisch berichtenverkeer ontstaat een beheersbare situatie. Net zoals bij papieren post komen elektronische berichten via een beperkt aantal kanalen binnen bij waterschap Brabantse Delta. Ook vanuit de techniek wordt een aantal voorwaarden gesteld aan elektronisch berichtenverkeer. Wanneer de bijlage(n) van een bericht niet geopend kunnen worden, bijvoorbeeld omdat de benodigde applicatie niet in gebruik is bij waterschap Brabantse Delta, dan kan het betreffende bericht niet in behandeling genomen worden. Verder stelt de mailserver eisen aan de maximale grootte van een bericht. Wordt deze grootte overschreden, dan komt het bericht niet aan en kan het dus ook niet behandeld worden.

 

Hierbij is van belang dat het elektronische communicatiekanaal de papieren versie niet vervangt. Immers niet iedereen heeft toegang tot een computer. Ook voor elektronische berichten geldt de doorzendplicht. Wanneer het bericht ten onrechte bij waterschap Brabantse Delta terechtkomt, moet het worden doorgezonden naar het juiste bestuursorgaan. Op grond van artikel 4:3a van de Awb moet het bestuursorgaan de ontvangst van het elektronische bericht bevestigen. Dit vergroot de betrouwbaarheid van het elektronisch berichtenverkeer, de ontvanger weet dat zijn bericht is gearriveerd. De ontvangstbevestiging kan per elektronische post, maar ook per gewone post verzonden worden.

 

Artikel 4 Identiteit zender

Het is niet nodig aan de identificatie van de zender hoge eisen te stellen als dit niet bij wet is verplicht.

 

Wanneer het gaat om het aanvragen van bepaalde producten of diensten en de identiteit van de zender van belang is voor het gewenste product of de dienst, kan het nodig zijn dat de afzender tevens aanvullende gegevens verstrekt , zoals de geboortedatum en het BSN. De aanvullende eisen worden in dat geval genoemd in het webformulier of bij het aangewezen e-mailadres.

 

Artikel 5 Handtekening

Indien de wet eist dat een bericht van een burger aan het bestuursorgaan wordt ondertekend, is wanneer de burger dit bericht per elektronische post aan het bestuursorgaan verzendt een elektronische handtekening vereist.

 

Onder een elektronische handtekening verstaat artikel 3.15a, vierde lid, BW: “een handtekening die bestaat uit elektronische gegevens die zijn vastgehecht aan of logisch geassocieerd zijn met andere elektronische gegevens en die worden gebruikt als middel voor het vaststellen van de identiteit van de ondertekenaar”.

 

De elektronische handtekening heeft dezelfde rechtsgevolgen als een handgeschreven handtekening, wanneer de methode die daarbij is gebruikt voor authentificatie voldoende betrouwbaar is. Hierbij wordt gelet op het doel waarvoor de elektronische gegevens worden gebruikt en op alle overige omstandigheden van het geval. PKIoverheid en DigiD bieden een voldoende betrouwbare authentificatie. Er is dan sprake van een geavanceerde elektronische handtekening. Voor bedrijven biedt eHerkenning een voldoende betrouwbare authentificatie. Een andere manier voor bedrijven om een handtekening van een voldoende betrouwbare authentificatie te voorzien is het gebruik maken van een unieke inlogcode en/of wachtwoord. Ook dan is er sprake van een geavanceerde handtekening.

 

Op dit moment heeft het waterschap PKIoverheid nog niet geïmplementeerd. Zolang PKI Overheid nog niet werkzaam is, kan het bestuursorgaan volstaan met een gescande handtekening en wordt daar waar formeel een handtekening vereist is (bijvoorbeeld bij het indienen van een bezwaarschrift) gewerkt met een praktische oplossing (nazending getekende schriftelijke exemplaar of plaatsing handtekening op printversie tijdens de zitting). Met ‘bestuursorgaan’ is hier bedoeld: een bestuursorgaan, niet zijnde een bestuursorgaan van waterschap Brabantse Delta.

 

Artikel 6 Overgangsrecht, inwerkingtreding en citeertitel

Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.